Op huttentocht in het Italiaanse Monterosa gebergte: drie dagen wandelen vanuit Gressoney
Terwijl de Dolomieten in de zomer overspoeld worden met wandelaars, blijft het Monterosa gebergte in Valle d’Aosta verrassend rustig. Het massief torent tot ruim 4.600 meter boven de vallei uit, met gletsjers, ruige rotspieken en kleine Walser dorpjes aan de voet van de bergen. Je wandelt er langs bloemenweides, gletsjerstroompjes en meertjes, met bijna overal zicht op de besneeuwde toppen.
Samen met een vriendin liep ik een driedaagse huttentocht in deze Italiaanse regio met Gressoney als startpunt. Wij liepen de 3-daagse variant van Tour des Six met overnachtingen in Rifugio Vieux Crest en Rifugio Arp. In dit artikel lees je mijn ervaring en neem ik je dag voor dag mee met tips voor de route, hoogtepunten en praktische tips om deze tocht zelf te lopen.

Waar ligt het Monterosa gebergte?
Het Monterosa gebergte ligt in het noordoosten van Valle d’Aosta in Italië, tegen de grens met Zwitserland (Matterhorn), Frankrijk (Mont Blanc) en de regio Piemonte. De Aostavallei zelf is met zijn 80 km eigenlijk niet meer dan één lang hoofddal met daaromheen zo’n veertien kleinere zijdalen.
Gressoney en Ayas
Monterosa ligt in twee van die zijdalen: Gressoney en Ayas, met als bekendste dorpen Gressoney-Saint-Jean, Gressoney-la-Trinité en Champoluc. Samen met Alagna, dat in Piemonte ligt, vormen ze het skigebied Monterosa Ski, dat in de zomer verandert in een groot wandelgebied.
Het gebied leent zich niet alleen voor meerdaagse huttentochten. Met gletsjers tot boven de 4.600 meter en diverse hooggelegen hutten en bivaks is het ook een basis voor alpinisme en daarom erg in trek bij klimmers. En wie liever geen nachten in een berghut doorbrengt, kan vanuit Gressoney of Champoluc ook een reeks losse dagtochten lopen. Daarover lees je verderop in dit artikel enkele tips.

Welke uitvalsbasis kies je?
Beide dalen zijn een goede uitvalsbasis voor mooie wandelroutes. Wij kozen voor Gressoney, het start- en eindpunt van onze huttentocht door het Monterosa gebergte, maar Champoluc ligt net zo dicht bij de bergen en is qua sfeer vergelijkbaar. Zelf verbleven we voor en na onze trekking in het hoger gelegen dorpje Gressoney-la-Trinité, op 10 minuten rijden van Gressoney-Saint-Jean.
Overnachten in Gressoney-la-Trinité
Lo Scoiattolo Hotel
Wij verbleven voor en na onze trekking in Lo Scoiattolo hotel in Gressoney-la-Trinité, een heerlijk hotel dat echt uitblinkt in service. Zo konden we overtollige bagage in het hotel achterlaten, een lunchpakketje bestellen voor de eerste dag van de trail, en is er een spa aanwezig. Die laatste was na afloop van de trail meer dan welkom, net als het comfortabele bed en uitgebreide ontbijt!
9.2 / 10
Bekijk hotelOver deze huttentocht vanuit Gressoney
Rond het Monterosa gebergte ligt een netwerk van zes berghutten die samen de Tour des Six vormen: Rifugio Vieux Crest, Alpenzù, Arp, Ferraro, Grand Tournalin en Ostello Bellevue. De hutten liggen zo ten opzichte van elkaar dat er verschillende varianten mogelijk zijn voor een trekking van 3 tot 7 dagen, allemaal met aansluitende dagetappes.
3 Rifugio tour
Wij liepen de kortste variant, ook wel de 3 rifugio tour genoemd: drie dagen wandelen, twee overnachtingen. Van Gressoney naar Rifugio Vieux Crest, verder naar Rifugio Arp, en via Alpenzù weer terug naar het startpunt.
Ik vond deze route van drie dagen opvallend afwisselend. Je wandelt door ruige rotslandschappen, langs gletsjermeertjes, sneeuwvelden en lieflijke weides vol bloemen, en passeert daarbij kleine Walser dorpjes met typische stenen huizen, waar een koor van koeienbellen je tegemoet komt. Het is bovendien het thuis van vele marmotten en steenbokken en de kans is groot dat je ze onderweg tegenkomt.
De uitzichten zijn de hele tocht adembenemend, en in dit geval bedoel ik dat letterlijk. Je beklimt verschillende pieken tot zo’n 3.000 meter, hebt vaak zicht op de Matterhorn en het Mont Blanc-massief, en bij helder weer kun je vanaf Punta Valfredda de hele Aosta zien liggen. Wij hadden die mazzel, en genoten van iedere minuut op de top.



Niveau van de trekking
Een goede (wandel)conditie is noodzakelijk voor deze trekking. Je loopt drie dagen achter elkaar, met dagelijks 700 tot 1.400 hoogtemeters stijgen én dalen over rotsachtig terrein. Het hoogste punt ligt op bijna 3.000 meter. Je hoeft niet technisch onderlegd te zijn – er komt geen technisch klimwerk aan te pas – maar enige ervaring met bergwandelen is wel gewenst.
Zelf liep ik deze hike zonder wandelstokken, maar deze kan ik wel aanraden, zeker als je, net als wij, afdaalt van Valfredda naar Gressoney: een afdaling van bijna 1.700 meter op één dag!

Met gids of zelfstandig lopen?
De routes staan goed aangegeven middels genummerde markeringen en de paden zijn goed onderhouden. Deze trekking is dan ook goed zelfstandig te lopen. Je kunt de routes eventueel downloaden in verschillende navigatie-apps, zoals AllTrails. In de dag-tot-dag beschrijving verderop in dit artikel deel ik de routes per dag.
Op lovevda.it vind je meer informatie over wandelen in Valle d’Aosta en een overzicht van alle berghutten met openingstijden en contactgegevens.
Deze huttentocht met gids lopen
We liepen deze tocht met lokale berggids Marco Schenoni, vanwege onze samenwerking met de regio Valle d’Aosta. Ik loop normaal liever zelfstandig door de bergen, zonder gids. Toch beviel het me, tegen verwachting in, heel goed!
Marco gaf ons alle ruimte, deelde onderweg informatie over het gebied en hield het weerbericht nauwlettend in de gaten. Op basis van ons niveau en de omstandigheden paste hij de route aan, in ons geval juist naar boven: een paar extra bergpieken die we anders misschien hadden overgeslagen. Bij minder goed weer, of een minder fitte groep, had hij hem net zo goed kunnen inkorten. Alles ging in goed overleg, en dat maakte het voor mij een positieve ervaring. Loop je dus liever met een gids, dan kan ik Marco zeker aanraden!

De route van dag tot dag
De huttentocht die wij liepen heb ik als heel afwisselend ervaren: van lieflijke alpenweides tot steile rotspaden. De hele route bood prachtige uitzichten over de Aosta Vallei met elke dag weer diverse hoogtepunten. Hieronder lees je per dag wat je van deze 3-daagse wandelroute in het Monterosa gebergte kunt verwachten.
Overzicht van de route
Wij liepen de huttentocht in onderstaande volgorde, met genoemde afstanden en hoogtemeters. Deze kunnen iets afwijken van de gelinkte routes, omdat wij bijvoorbeeld op dag 3 Punta Valfredda aan de route hebben toegevoegd.
- Dag 1: Gressoney naar Rifugio Vieux Crest
Afstand: 15 km, 1.400 m stijgen, 1.000 m dalen.
Hoogste punt: Col Pinter (2.777 m).
Niveau: zwaar - Dag 2: Rifugio Vieux Crest naar Rifugio Arp
Afstand: 13 km, 1.085 m stijgen, 570 m dalen.
Hoogste punt: Punta Palasinaz (2.782 m)
Niveau: gemiddeld - Dag 3: Rifugio Arp naar Gressoney via Valfredda en Alpenzù
Afstand: 12,5 km, 700 m stijgen, 1.660 m dalen
Hoogste punt: Punta Valfredda (2.954 m)
Niveau: zwaar
Startpunt van de route
Deze kleine parkeerplaats net buiten Gressoney-La-Trinité was het start- en eindpunt van onze trekking. Hier loopt een smal pad omhoog naar Alpenzú. Ben je met de auto, dan kun je hier veilig en gratis je auto parkeren voor enkele dagen. Hou er rekening mee dat het aantal plekken hier beperkt is.

Dag 1: Gressoney naar Rifugio Vieux Crest
De eerste dag is meteen een pittige: je klimt vanaf Gressoney in één keer omhoog naar Col Pinter, het hoogste punt van de dag op 2.777 meter, voordat je weer 1.000 meter afdaalt naar Rifugio Vieux Crest. Met 1.400 hoogtemeters stijgen én 1.000 meter dalen is dit een stevige kennismaking met het gebied.
Wat kun je van deze etappe verwachten?
De route begint met een klim naar het knusse dorpje Alpenzù dat prachtig uitzicht biedt over Gressoney-Saint-Jean. Een mooie plek voor een korte koffiepauze of de eerste laagjes kleding uit te trekken. Daarna klim je via bloeiende alpenweides steeds verder omhoog naar het ruigere landschap van Col Pinter. Het laatste stukje naar de pas is steil, maar het uitzicht maakt dat helemaal goed!
Wij liepen vanaf de pas linksom naar beneden. Je komt dan langs een aantal kleine gletsjermeertjes die de ideale plek vormen voor een welverdiende lunchpauze. Daarna volgt een mooie afdaling naar Rifugio Vieux Crest met doorlopend uitzicht op Champoluc. Het ruige landschap maakt geleidelijk weer plaats voor groene alpenweides, hoe dichter je bij de hut komt.




Overnachting in Rifugio Vieux Crest
Rifugio Vieux Crest is een kleine en sfeervolle berghut, waar je na een lange wandeldag op het terras kunt neerploffen met een Aperol Spritz in je hand, terwijl de zon langzaam achter de bergen zakt. Het ontbijt en diner zijn er goed en gevarieerd. Van de drie hutten op deze route was dit voor mij de meest aangename om te overnachten, al is het alleen al vanwege de fijne sfeer.




Dag 2: Rifugio Vieux Crest naar Rifugio Arp
De tweede dag is met zo’n 13 kilometer, 1.085 meter stijgen en 570 meter dalen de lichtste dag van de drie. Je loopt via een schitterende route over Col Palasinaz naar Punta Palasinaz, met 2.782 meter het hoogste punt van de dag. Hierna daal je nog zo’n 300 meter af naar Rifugio Arp, je slaapplek voor vanavond.
Wat kun je van deze etappe verwachten?
De route begint met een eenvoudig pad door het bos. Vlak voorbij het bergresort opent het landschap zich in een verborgen dal dat je van tevoren niet ziet aankomen. Na een mooie wandeling door dit dal, die slechts geleidelijk omhoog gaat, volgt een korte, steile klim naar Col Palasinaz.
Eenmaal op de pas kun je kiezen tussen twee routes naar Rifugio Arp: een korte, eenvoudige route langs de bergmeertjes of een spectaculaire route over een bergkam naar Punta Palasinaz. Wij kozen voor deze tweede optie, wat ik iedereen kan aanraden! De smalle richel biedt 360 graden uitzicht over de omgeving, met vier meertjes die ineens achter de pas tevoorschijn komen.





Overnachting in Rifugio Arp
Rifugio Arp vond ik zelf minder mooi dan Vieux Crest. De hut is een stuk groter en massaler, en mist de knusse sfeer van de avond ervoor. Wel heeft de hut een fijn terras en een gunstige ligging voor wie meerdere routes wil combineren. In het weekend bezoeken veel wandelgroepen de berghut, als het kan zou ik deze drukke dagen daarom vermijden. Het avondeten is eenvoudig maar smaakvol en het ontbijt was aan de magere kant.
Tip: het gebied rondom rifugio Arp is de perfecte plek om steenbokken te spotten. Zeker rond zonsondergang of vroeg op de ochtend is de kans groot dat ze zich even laten zien.
Het is in rifugio Arp, net als in andere berghutten in Italië, gebruikelijk om in een gedeelde slaapzaal te overnachten Omdat het nog laagseizoen was begin juni hadden wij het geluk dat er privékamers beschikbaar waren. Als je hier zeker van wilt zijn, reserveer dan op tijd!




Dag 3: Rifugio Arp naar Gressoney
Persoonlijk vond ik de laatste dag de zwaarste van de drie: vanaf Rifugio Arp klim je naar Punta Valfredda, het hoogste punt van de tocht op 2.954 meter, voordat je in één lange afdaling via Alpenzú weer terug wandelt naar Gressoney. In totaal loop je zo’n 12,5 kilometer, met 700 meter stijgen en 1.660 meter dalen. Wil je minder hoogtemeters maken, of zit het weer tegen? Dan kun je Valfredda overslaan. Dit scheelt zo’n 250 meter stijgen en dalen.
Wat kun je van deze etappe verwachten?
Het is verstandig deze dag vroeg te beginnen als je Valfredda wilt beklimmen. Je hebt dan de grootste kans op helder zicht en misschien zelfs het geluk een steenbok tegen het lijf te lopen! Vanaf Rifugio Arp klim je eerst naar Colle di Valnera: hier kun je eventueel je rugtas achterlaten om naar de top te klimmen, of je begint hier direct aan de afdaling naar Alpenzú als je Valfredda overslaat.


Van Valfredda naar Alpenzú
Omdat wij een stralende dag hadden, klommen wij wel eerst naar de top van Valfredda, waar we werden getrakteerd op volledig helder zicht op de Aosta Vallei met de Matterhorn, het Mont Blanc-massief en de Monterosa-gletsjer prachtig in beeld. Voor mij was dit letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt van de trail!
De afdaling naar Alpenzù is daarna zowel pittig als mooi: lang, met doorlopend uitzicht op het dal van Gressoney en de hoge pieken van de Aosta Vallei. Wij genoten van een welkome, late lunch bij Alpenzú voor we aan de laatste afdaling naar Gressoney begonnen: het einde van onze huttentocht in het Monterosa gebergte.




Meer wandelroutes in de regio
Wie liever geen nachten in een berghut doorbrengt, hoeft het Monterosa gebergte niet links te laten liggen. Er zijn genoeg mooie dagtochten te lopen, zowel vanuit Gressoney als Champoluc. Valle d’Aosta heeft een handige search tool ontwikkeld, waarmee je direct allerlei routes voor dagtochten vanuit iedere plaats in de Aosta Vallei kunt vinden.
Een aantal aanraders van onze gids Marco:
- Monte Zerbion via Antagnod – panoramische route vanuit Champoluc.
- Saint Jacques – Blue lake – iconische route vanuit Champoluc.
- Alpenzú Grande – Gressoney-La-Trinité – rondwandeling langs de mooiste Walser dorpjes rondom Gressoney.
- Grenne – Colle Salza – Alta Luce – een pittige, maar schitterende route. Een goede conditie is wel vereist.



Gressoney als uitvalsbasis
Zoals gezegd was Gressoney de uitvalsbasis voor onze huttentocht in het Monterosa gebergte. Dit dal bestaat uit twee dorpen: Gressoney-Saint-Jean, het grootste van de twee, en het hoger gelegen Gressoney-la-Trinité, op 10 minuten rijden daarvandaan. Beide zijn een prima uitvalsbasis voor je wandelvakantie. Je vindt er de typische Walser architectuur met stenen huizen en houten balkons, en het is er buiten het skiseizoen heerlijk rustig. Ideaal om voor of na een huttentocht een paar dagen bij te komen.
Wij verbleven in Lo Scoiattolo Hotel in Gressoney-La-Trinité. Een heerlijk, comfortabel hotel om voor en na je trekking helemaal te ontspannen.



Château Savoie in Gressoney-Saint-Jean
Een aanrader is een bezoek aan Château Savoie in Gressoney-Saint-Jean. Het kasteel werd rond 1900 gebouwd als zomerverblijf voor koningin Margherita van Savoye, en was voor die tijd verrassend vooruitstrevend: er was al centrale verwarming en elektra aanwezig. Gelijk bij binnenkomst valt je oog op de sierlijke houten trap die een echte eyecatcher vormt. Alle ramen in het kasteel bieden bovendien panoramische uitzichten op de bergen rondom het zomerverblijf en de prachtig aangelegde alpine tuin.

Koningin Margherita, een echte powervrouw
Margherita was een echte powervrouw die haar tijd ver vooruit was. Ze beklom zelf bergen, en in het kasteel hangen foto’s van haar expedities waarop ze in grote traditionele jurken, bergpieken en gletsjers trotseert op grote hoogte. Ze liet zelfs een berghut bouwen op 4.554 meter, Rifugio Margherita, nog altijd de hoogst gelegen berghut van Europa, waar je een pizza Margherita kunt eten als je eerst even bent gewend aan de hoogte. Ik vond de foto’s super bijzonder om te zien en was echt onder de indruk van deze vrouw. Haar verhaal maakte het bezoek aan het kasteel voor mij extra bijzonder.
Je kunt het kasteel alleen bezoeken met een rondleiding, deze duurt ongeveer een uur. Deze is in het Italiaans, maar met een audiotour in het Nederlands kun je toch alles volgen. De entree bedraagt €10. Meer informatie.


Hoe kom je in Gressoney?
De ligging van de Aosta Vallei maakt de regio erg geschikt voor een vakantie met de auto vanuit Nederland. Je rijdt er via Zwitserland of Frankrijk zo naartoe, en hebt dan meteen je eigen vervoer ter plekke om door te rijden naar Gressoney.
Ga je met de auto naar het Aostadal, hou dan rekening met de tolvignetten die je mogelijk voor jouw route nodig hebt voor Zwitserland en/of Frankrijk en een groot aantal steden in Duitsland. Bekijk welke vignetten je nodig hebt.
Vliegen naar de Aosta Vallei
Wil je niet met de auto, dan kun je ook vliegen. Wij vlogen op Turijn, maar je kunt ook op Genève vliegen. Vanaf Turijn is het nog zo’n 1,5 uur rijden naar Gressoney. Je kunt hiervoor het beste een auto huren. In het hoogseizoen is het busvervoer goed geregeld, daarbuiten wat beperkter, maar je kunt via je hotel altijd een taxi of airport transfer regelen.
Plan je reis: vergelijk de beste deals voor vliegtickets.

Beste reistijd voor deze huttentocht
Wij liepen deze trekking in eind juni, en dat is een zeer gunstige tijd. Het weer is dan al erg mooi, maar de trails zijn nog rustig. In het weekend is het iets drukker, maar je bent nog voor de zomerdrukte uit. Bovendien is het dan erg groen, met veel bloeiende bloemen en overal stroompjes met vers gletsjerwater.
Ook september is een mooie tijd om te gaan als je de grootste drukte wilt vermijden en wel wilt genieten van mooi weer. Mei kan al, maar dan ligt er op de hoogste delen mogelijk nog wat sneeuw. Juli en augustus zijn drukker, maar de Aosta is bij lange na niet zo druk als de Dolomieten en daarom een fantastisch alternatief.

Ga altijd goed voorbereid op pad
Als je de bergen in trekt is het altijd belangrijk om goed voorbereid te zijn. Hoe stralend de dag ook begint, zorg dat je altijd warmere laagjes en waterdichte kleding bij je hebt. Het weer kan in de bergen ineens omslaan en ook op hoogte is het een stuk frisser. Check de dag voor vertrek altijd even het lokale weerbericht om een goede planning te maken.
In ons geval betekende dat vroeg opstaan, omdat de kans op slecht weer in de middag sterk toenam. Uiteindelijk hebben we alleen maar goed weer gehad, maar 5 kilometer verderop is er veel regen gevallen! De bergen zijn soms onberekenbaar, wees dus op alles voorbereid.


Wat neem je mee op deze 3-daagse huttentocht in de Aosta Vallei?
Voor deze huttentocht zijn goede, waterdichte wandelschoenen een must. Met name het grip van de zool is belangrijk. Ook goede wandelsokken zijn erg belangrijk om blaren te voorkomen. Zelf geef ik de voorkeur aan merinowol. Neem daarnaast voldoende laagjes kleding mee. Het liefst ademende en sneldrogende kleding, zoals merinowol of bamboe. In de berghutten kun je je shirt eventueel met de hand wassen als je erg gezweet hebt. Zorg ook voor een droog en warm setje kleding voor ’s avonds.
Zelf had ik een hemdje en twee t-shirts mee voor deze 3-daagse trekking. Je kunt daarnaast een wandelbroek of afritsbroek dragen, maar zelf wandel ik liever in een legging of sportbroekje.
Paklijst voor deze trekking:
- Trekking rugzak van zo’n 30-40 liter – zelf liep ik met de Mammut Lithium van 30 liter, ik gebruik daarbij lichtgewicht packing cubes van Eagle Creek voor mijn kleding.
- Goede wandelschoen, b.v.k. hoge bergschoenen voor meer ondersteuning rond de enkels.
- Eventueel wandelstokken.
- 3 sneldrogende, ademende hemdjes/ t-shirts – zelf draag ik dit hemdje van Icebreaker en merino t-shirts van Decathlon.
- 2-3 sportbroekjes en legging of wandelbroek (afhankelijk van het seizoen).
- Fleecetrui – mijn fleece is van Passenger Clothing.
- Waterdichte, ademende jas – Ik ben erg enthousiast over deze jas van Patagonia.
- Regenbroek – bij harde regen loopt het water vaak van boven in je wandelschoenen, een regenbroek voorkomt dit.
- Droog, warm setje kleding voor de avond (ook sokken!)
- 2 paar wandelsokken (b.v.k. merinowol) – Ik draag zelf sokken van Smartwool.
- Eventueel een paar slippers voor het douchen
- Reis je in het voor- of najaar dan is een extra donsjas en longsleeve nog aan te raden.
- Ondergoed en kleding om in te slapen.
- Toiletspullen + ehbo-kitje
- Lichtgewicht reishanddoek
- Lakenzak (verplicht in berghutten) – zelf heb ik een zijden lakenzak, omdat deze lichter en compacter is, maar Egyptisch katoen is ook prima.
- Lunch en snacks voor onderweg – ontbijt en diner wordt in de berghutten geserveerd. Bij de berghutten kun je ook een lunchpakketje bestellen voor onderweg. Vraag hier de avond voor vertrek naar.
- 2 liter water per dag – je kunt je fles ook bijvullen onderweg in de gletsjerstroompjes, hiervoor is geen filter nodig, omdat er geen vee rondloopt in de hoger gelegen delen van de hike.
- Powerbank, camera en opladers
- Neem eventueel een drysack mee voor extra bescherming van je kleding en elektronica bij nat weer.
Let op: binnen in de berghutten is het niet toegestaan je wandelschoenen aan te houden. Neem daarom eventueel een paar instappers mee voor ’s avonds. In de hutten die wij bezochten waren voldoende Crocs of sloffen aanwezig voor algemeen gebruik. Zelf had ik de Teva ReEmber instappers mee en was hier zo blij mee! Deze voelen als kussentjes onder je voeten na een dag wandelen.
Checklist voor je vakantie naar Italië
-
Plan je reis: vergelijk de beste deals voor vliegtickets.
-
Boek hier je internationale treintickets binnen Europa.
-
Comfortabel overnachten? Boek de beste hotels op tijd.
-
Vind voordelig een betrouwbare huurauto.
-
Boek een voordelige parkeerplaats bij het vliegveld.
-
Zorg voor een goede reisverzekering.
Meer van Noord-Italië verkennen
Valle d’Aosta is niet alleen prachtig voor een wandelvakantie, er is namelijk meer te doen en zien. Je kunt er bovendien genieten van heerlijke lokale producten! Lees al mijn tips voor de Aosta Vallei. En wil je meer van Italië ontdekken? Lees dan ook eens onze tips voor het Eggental in Zuid-Tirol of een wandelvakantie in de Dolomieten.
Wat neem je mee op wandelvakantie
Dit zijn een aantal van mijn favoriete reisspullen die ik zelf graag meeneem op een outdoor vakantie. Ook ideaal voor je wandelvakantie in de Aosta Vallei!





Laat je horen